Tijdens een van mijn ontmoetingen met Susan Smith Finn (l) , dochter van Robert 'Burr' Smith, zegde zij me toe te willen meewerken aan een verhaal over haar vader.
Voor mij een eer om te mogen doen en een kans op een van onze bevrijders te danken voor wat hij voor ons heeft gedaan.
Ik dank Susan en haar familie voor de vriendschap die we in de voorbije jaren hebben ontwikkeld en voor het sturen van de tekst © en de foto's © op deze pagina's.

Robert Burr Smith werd op 2 mei 1924 in Tacoma, Washington geboren en groeide op in de omgeving van Los Angeles, California. Op 14 jarige leeftijd ging hij naar de Brown Military Academy in Pacific Beach, California. Op 18 augustus 1942 ging hij (18 jaar oud) bij het leger en gaf zich al vrij snel op om parachutist te worden, toegevoegd aan Easy Company. Hij ging erbij vanuit Rochester, New York, waar zijn ouders naar waren verhuisd.

links: Burr op erg jonge leeftijd met zijn zus Bobette.

Burr en Skip Muck ontmoetten elkaar klaarblijkelijk op weg naar Georgia. Het zijn van soldaat zou een levenslang effect hebben op Burr omdat hij op de een of andere manier zijn leven wijdde aan het zijn van militair en het "vak" van oorlog voeren

Hij haalt zijn eerste herinneringen aan kamp Toccoa in 1942 op in zijn notitie's genaamd "een laatste blik terug", die hij maakte in 1982, net voor zijn overlijden.


Burr overleed nog voordat hij dit kon afmaken.

“Introductie"

In een poging om de ervaringen van het 506e van Toccoa tot Kaprun (waar mijn associatie met het regiment eindigt) samen te vatten, val ik ongetwijfeld en bijna onvermijdelijk ten prooi aan een falend geheugen aan de ene kant en aan een weliswaar levendige verbeelding aan de andere kant die echter in mijn geval, tendeert naar het minimaliseren van de herinneringen aan de verschrikkingen van die jaren en naar het enkel vasthouden van de herinneringen aan de warmte, de menselijkheid, de humorvolle en de heroïsche gebeurtenissen gedurende die drie jaren.
Ik zal me niet verontschuldigen voor die momenten dat mijn herinneren verschillen met die van u.
Denk in dit verband maar eens terug aan de de-briefings die onmiddellijk na acties werden gehouden. S.L.A. Marshall, demonstreerde, zichtbaar voor de hele wereld, dat soldaten een heel andere voorstelling hadden van de details van een actie die door een kleine eenheid waarvan zij deel uitmaakten, was uitgevoerd. Zelfs als die uren of slechts een dag voor die massale de-briefings had plaatsgevonden.

De motor achter dit geheugensteuntje is die onverslaanbare Bill Guarnere die al sinds ongeveer 40 jaar niet alleen mijn vriend is maar ook mijn strengste criticaster. "Willy-Willy-Deuce" (de tweede wereldoorlog) was niet mijn enige oorlog en zo is ook Bill niet de enige zeer moedige soldaat met wie ik heb gediend, maar hij steekt met kop en schouders boven alle anderen uit.
Mijn verering van die onvoorstelbare harde "South Philly Wop" is een strikt persoonlijke waardering maar ik denk dat je weinig overlevenden van Easy Company zult vinden die het niet met me eens zijn, niet waar jongens?

Dick Winters, de ene keer pelotons commandant van Easy Company, de andere keer weer compagnies commandant en dan weer stafofficier van het 2e bataljon is een foto finish tweede, maar zelfs hij (ik wil er een lief

sommetje om verwedden) zou zelf ook voor Bill stemmen als het ging om “Soldaat van welk jaar dan ook”
In alle oorlogen en in de meeste eenheden die niet groter waren dan een compagnie en waar heel zware verliezen werden geleden, zegt men met zekerheid dat de echte helden hun moed met de dood moesten bekopen. Maar in dit geval was dat niet zo… Hun moed die zij in Normandië ten toon spreidden en die zich voortzette in Nederland en tijdens de slag om de Ardennen, werd sterker met ieder vuurgevecht en bij ieder contact met de vijand. Die moed behield zijn glans tot aan de dag dat ze uit actieve dienst werden ontslagen. Dat niemand is onderscheiden met de Medal of Honor is voor mij onbegrijpelijk, net zo onbegrijpelijk als het voortdurende mysterie van het Distinguished Service Cross van Harrison Summer dat, voor mijn gevoel, de standaard eisen voor het verkrijgen van de Medal of Honor verre overschrijdt.
De waarde van de militaire onderscheidingen in de VS is de laatste jaren enorm gedevalueerd. Dat gebeurde voor het eerst bij de luchtmacht met hun “Cracker Jack Box”-achtige woekering van de Air Medal en het Distinguished Flying Cross. Later gebeurde dat bij het leger toen die de Bronze Stars met duizenden tegelijk ging uitreiken aan soldaten die niet eens bij gevechten betrokken waren geweest. Naar mijn mening heeft de 101ste, bijna als enige eenheid, de verleiding kunnen weerstaan om waardeloze onderscheidingen onder hun soldaten te droppen. …en die haar twee Congressional Medals heeft bewaard voor mannen die slechts enkele dagen na elkaar sneuvelden en haar Distinghuished Service Crosses en Silver Stars voor een vergelijkbaar handvol soldaten die zich écht hebben onderscheiden. (Er waren slecht enkele uitzonderingen op deze stelling maar zelfs die kunnen doodgezwegen worden omdat het er zo weinig waren en omdat die onderscheidingen een positief effect hadden op het plezier die ze teweeg brachten bij degenen “die het naadje van de kous wisten”.)
Ik dwaal af. Het komt er in het kort op neer dat dit korte werk deels is opgedragen aan Bill Guarnere en deels aan Dick Winters, mijn persoonlijke helden, en in evenredigheid aan diegenen die het niet overleefd hebben en die zelden om hun moed werden geroemd.
Aan die laatsten zijn we de grootste dankbaarheid verschuldigd want door hen hebben we ons leven, ons geluk en onze eer.

pagina's
1 - 2 - 3 - 4

Most of the pictures on this website were taken by Peter van de Wal. I assert the moral right to be recognized as the photographer and the owner of these images in any form. If you wish to use these photos for noncommercial purposes I consent to such use as long as the source of the photos is clearly acknowledged in the same publication as the photos you wish to reproduce.
Photos portraying Burr Smith are courtesy Susan Smith Finn and are copyrighted.

"Band of Brothers" & all related marks & media are TM & © 2001 Dreamworks Television & HBO.
This site is in no way affiliated with any entity involved in the production of this film.
All opinions contained herein are those of the author alone.
Some pictures and material were obtained through approved channels or from the public domain and are not intended to infringe on any copyrights.

For comments please mail me

© Peter van de Wal